Reglement
Beker van Veurne - reglement
(Gedeeltelijk overgenomen uit de officiële spelregels zaalvoetbal K. B. V. B. )
AANTAL SPELERS
Een wedstrijd wordt gespeeld door twee ploegen, elk bestaande uit niet meer dan vijf spelers, waarvan een de doelverdediger moet zijn.
Om een wedstrijd te kunnen aanvatten moet een ploeg bestaan uit minimum 4 spelers.
Elk van de beide ploegen moet voor de aftrap een van zijn spelers aanduiden als aanvoerder. De kapitein moet kenbaar zijn door het dragen van een armband. De kapitein tekent voor de wedstrijd het scheidsrechtersblad, aanhoort de onderrichtingen van de scheidsrechter.
lndien een ploeg de wedstrijd aanvangt met slechts 4 spelers, is aanvulling van de ploeg toegelaten tot aan het einde van de wedstrijd. Laattijdige spelers dienen, vooraleer te kunnen deelnemen aan de wedstrijd, hun aanwezigheid te melden aan de scheidsrechter. Tijdens de rust of na de wedstrijd kan de scheidsrechter de identiteit van de laattijdige spelers controleren.
In de competities is het maximaal toegelaten wisselspelers vastgesteld op drie.
De wisselspelers en de personen die ingeschreven staan op bet scheidsrechtersblad moeten zich plaatsen op de bank voorzien voor de vervangers.
Het aantal wissels gedurende de wedstrijd is onbeperkt. Er kan enkel gewisseld worden wanneer de bal niet in bet spel is.
UITRUSTING VAN DE SPELER
Een speler mag niets dragen dat gevaar kan opleveren voor andere spelers.
Men mag de wedstrijd niet spelen met :
halskettinkjes , horloges of armbandjes ;
plaaster- of hard verband ;
zichtbare piercings ( verwijderen of afplakken met tape ).
De gebruikelijke uitrusting van een speler moet bestaan uit een trui, een korte broek, kousen en sportschoeisel. Enkel schoeisel van linnen of licht lederen training- of turnpantoffels met zolen van rubber of een gelijkaardig materiaal zijn toegelaten. De zolen mogen geen strepen nalaten op de sportvloer en geen topverharding of noppen hebben. Het dragen van schoeisel is verplicht.
Het dragen van scheenbeschermers is niet verboden.Zij dienen wel volledig afgedekt zijn door de kousen.
De doelverdediger mag een lange broek dragen. Hij moet bovendien een uitrusting dragen waarvan de kleur hem gemakkelijk onderscheidt van de andere spelers.
Het is de doelverdediger toegelaten knie- en elleboogbeschermers te dragen, alsook handschoenen.
DUUR VAN DE WEDSTRIJD
De speeltijd bedraagt vier gelijke perioden van 13 minuten elk. Rusttijd : 2 min.
De duur van elke speelhelft moet worden verlengd om het trappen van een strafschop mogelijk te maken.
AFTRAP
De bal wordt gespeeld in de richting van de speelhelft van de tegenstrever .
De tegenstrevers moeten op een afstand van 3 meter van de bal blijven tot hij in 't spel is.
Nadat een doelpunt werd gescoord wordt het spel hervat op dezelfde wijze.
Een doelpunt kan niet rechtstreeks gescoord worden uit een aftrap.
INTRAP
Wanneer de bal volledig over de zijlijn is gegaan, zowel over de grond als in de lucht, wordt de bal in een willekeurige richting opnieuw in het spel getrapt van op de plaats waar hij is buitengegaan. De bal moet hierbij stilliggen.
De spelers van de tegenpartij moeten ten minste 5 meter verwijderd zijn van de bal.
Een doelpunt kan niet rechtstreeks gescoord worden uit een intrap.
Wanneer de bal het plafond raakt, wordt er ingetrapt aan de zijlijn op gelijke hoogte.
Tijdrekken wordt bestraft.
DOELWORP
Wanneer de bal volkomen het verlengde van de doellijn heeft overschreden, moet hij, met de hand en van binnen zijn doelgebied, terug in het spel gebracht worden door de doelverdediger.
Hij is de enige die deze doelworp mag uitvoeren en moet bijgevolg steeds een herkenbare uitrusting dragen, ook als hij beslist zijn doel te verlaten om mee te gaan voetballen als veldspeler.
Bij een terugspeelbal mag de doeldverdediger de bal niet in de handen nemen.
HOEKSCHOP
Wanneer een speler een hoekschop trapt, moeten de tegenstrevers op minstens 5 meter van de bal verwijderd zijn.
Een doelpunt kan rechtstreeks gescoord worden uit een hoekschop.
Tijdrekken is ook hier verboden.
STRAFSCHOP
Vooraleer deze wordt genomen moeten alle spelers, met uitzondering van de duidelijk geïdentificeerde strafschopnemer en de verdedigende doelman, zich binnen het speelveld bevinden, doch buiten het strafschopgebied en op minstens 5 meter van het strafschoppunt.
De strafschopnemer moet de bal vooruit trappen.
De bal moet stil liggen vooraleer de scheidsrechter, mits een fluitsignaal, toelating geeft tot het trappen van de strafschop.
De doelverdediger van de tegenpartij moet, tot de bal gespeeld is, op zijn eigen doellijn tussen de doelpalen staan, zonder daarbij zijn voeten te verplaatsen
VRIJE SCHOP
Wanneer een speler een vrije schop neemt, moeten alle tegenstrevers op ten minste 5 meter van de bal blijven tot op het ogenblik dat deze in het spel is.
Tijdrekken wordt ook bij het nemen van een vrije schop bestraft.
De bal moet stil liggen vooraleer de scheidsrechter, mits een fluitsignaal, toelating geeft tot het trappen van de strafschop.
OVERTREDINGEN - WANGEDRAG
Alle fouten worden
bestraft met een indirecte vrije schop.
Wordt bv. aanzien als een fout : lichamelijk contact, een speler van
achter aanvallen, ...
De indirecte vrije schop wordt genomen op de plaats waar de overtreding werd begaan.
Wordt een fout opzettelijk begaan door een speler binnen zijn strafschopgebied, dan wordt deze bestraft met een strafschop
Waarschuwing: GELE KAART
Een speler moet een waarschuwing krijgen indien hij:
aanhoudend de spelregels overtreedt;
door woorden of daden de beslissingen van de scheidsrechter afkeurt;
zich schuldig maakt aan onbehoorlijk gedrag.
Een waarschuwing wordt aan de betrokken speler kenbaar gemaakt door het voorhouden van een gele kaart.
Uitsluiting: RODE KAART
Een speler moet van het terrein worden gezonden indien hij naar de mening van de scheidsrechter:
zich schuldig maakt aan ernstig foutief spel;
zich schuldig maakt aan gewelddadig gedrag;
onbehoorlijke of beledigende taal gebruikt;
opzettelijk een tegenstrever hindert die zich begeeft in de richting van het doel met de duidelijke mogelijkheid om te scoren;
opzettelijk een tegenstrever een doelpunt of een duidelijke scoringskans ontneemt door de bal met de hand te raken, uitgezonderd de doelverdediger in zijn strafschopgebied.
De uitsluiting van een speler wordt hem door de scheidsrechter kenbaar gemaakt door het opsteken van een rode kaart.
Een speler wordt eveneens uitgesloten na een tweede gele kaart.
Ingeval van uitsluiting mag de schuldige speler niet langer deelnemen aan de wedstrijd, noch plaatsnemen in de neutrale zone. Hij wordt verwezen naar de tribune.
Wanneer een uitgesloten speler weigert het terrein te verlaten moet de scheidsrechter de wedstrijd staken.
Een uitgesloten speler wordt automatisch geschorst voor één wedstrijd, tenzij het bestuur zwaardere sancties oplegt.
VERVANGING VAN SPELERS TIJDENS DE WEDSTRIJD
De reservespelers nemen plaats op de banken aan één kant van het terrein.
Enkel de eventuele ploegafgevaardigde mag zich bij hen voegen, mits aangepast proper schoeisel.
De wissels moeten gebeuren ter hoogte van de zijlijn, aan de kant van de reservebank.
VERLIES VAN DE WEDSTRIJD
Niet of te laat aanwezig zijn met voldoende spelers (min.4) om de wedstrijd te kunnen beginnen (wachttijd max.10 min). In geval van laattijdigheid van een ploeg wordt de wedstijd ingekort.
Opstellen van een geschorste speler.
Te weinig spelers op het terrein (min. 3 ) om de wedstrijd verder te spelen.
Opstellen van een speler die bij een andere ploeg ingeschreven staat.
Opstellen van een speler die niet op de officiële deelnemerslijst voorkomt.
Wanneer een ploeg voortijdig de wedstrijd staakt of het terrein verlaat.
UITSTELLEN VAN EEN WEDSTRIJD
Clubs kunnen om uitstel verzoeken op voorwaarde dat de aanvraag gebeurt 14 dagen op voorhand: enkel mits voldoende gegronde redenen en steeds in overleg met het bestuur.
FORFAIT
Een ploeg die forfait geeft verliest de wedstrijd met 5-0.
Bij 3 forfaits wordt de ploeg definitief uitgesloten van verdere deelname.
STRAFNORMEN
De strafmaat kan indien nodig worden aangepast door het bestuur, om een fair verloop van de competitie te bekomen.
De opgelegde straf neemt een aanvang na de bekendmaking aan de betrokken club. Het begin en einde van de strafperiode zal duidelijk vermeld worden op de mededeling, die verstuurd wordt naar de ploegafgevaardigde.
De uitspraken van het bestuur zijn te raadplegen op de website www.bekervanveurne.net.
De ploegkapitein wordt steeds 1 wedstrijd extra gestraft: hij heeft een voorbeeldfunctie en moet trachten zichzelf en zijn ploegmaats te kalmeren.
VERZEKERING
De ploegen dienen zelf in te staan voor de verzekering van hun spelers.
SCHEIDSRECHTERSBLAD
Het scheidsrechtersblad moet steeds onderaan worden ondertekend door de ploegkapitein of een afgevaardigde.
De ploegkapitein dient te worden vermeld ( met de letter K )
Eventueel rugnummers vermelden, om vergissingen te vermijden (bv. bij een gele of rode kaart): nummer bij juiste naam a. u. b.
Het scheidsrechtersblad moet tijdig ingevuld worden in drukletters, voor aanvang van de wedstrijd.
Identiteitskaarten van de spelers kunnen door de scheidsrechter opgevraagd worden voor de controle van de deelnemende spelers.
NIEUWE SPELERS
Een nieuwe speler geeft een briefje aan het bestuur met daarop: naam, voornaam, geboortedatum. Hij kan pas de volgende week aan de wedstrijd deelnemen, staat dan op de nieuwe deelnemerslijst.
Er kunnen enkel nieuwe spelers ingeschreven worden tot het maximaal aantal spelers van 12 spelers bereikt is. Vervanging van spelers wordt niet toegestaan.
BEKERCOMPETITIE
Er wordt een bekercompetitie ingericht. De modaliteiten worden nog vastgelegd.